Help, ik moet mijn naaste helpen

Een van de christelijke taken is zorgen voor onze naasten: niet alleen familie, onze vrienden, maar met name ook de mensen die het minder hebben. Denk bijvoorbeeld aan daklozen, verslaafden, hongerigen en zieken. Een op het eerste gezicht duidelijke, goed uit te voeren taak.

In de praktijk van alledag beland ik nogal eens in het bos van goede doelen en manieren om mijn naaste te helpen. Alleen al bij ons achter in de kerk liggen er blaadjes om meerdere projecten aan te prijzen: opvang Open Hof voor dak- en thuislozen, de Parochiële Caritas instelling die probeert financiële noodhulp te verlenen in de stad en dan heb je nog de mogelijkheid om zieken en eenzamen in de parochie te bezoeken. Mogelijk liggen er nog mee blaadjes, maar die zijn me dan nu alweer ontschoten. Als je dan de blaadjes gelezen hebt en de kerk uitloopt staan er bij ons standaard twee (overigens sympathieke) daklozen te bedelen.

Wanneer je op een zaterdag door de binnenstad van een willekeurige stad heen loopt, kom je minstens langs twee groepjes die je proberen donateur te maken van hún goede doel. De ene keer is dat bijvoorbeeld de WNF, de andere keer het KWF, weer een andere keer Oxfam Novib, en ga zo het rijtje van in Nederland erkende goede doelen maar bij langs. Op de terugweg naar huis kom je vervolgens zeker twee daklozen tegen, en bij de supermarkt om de hoek waar je besluit boodschappen te doen staat een glimlachende Riepe-verkoper (mét badge) die nog een aantal bladen kwijt moet. Thuisgekomen sla je de lokale krant open en zie je een noodkreet van de lokale voedselbank omdat de voorraden te hard slinken om het groeiend aantal van de voedselbank afhankelijke gezinnen fatsoenlijk te kunnen ondersteunen.

Tja, waar begin je dan, met je goede bedoelingen. Tenzij je miljardair bent, zal je een keus moeten maken uit wat je aan welk doel of persoon geeft. Zal je ja moeten zeggen tegen een klein aantal doelen, en nee tegen het gros. Ja zeggen is vaak niet het probleem, want de nood is hoog en je wilt graag een steentje bijdragen, het lijden dat er is verlichten. Nee zeggen is een stuk lastiger…want mag dat wel, kan dat wel? Doe ik dan niet te weinig voor mijn naasten, ben ik dan niet te egoïstisch, ontneem ik dan niet iemand zijn of haar kans op een beter bestaan, ontneem ik dan niet de wetenschap de kans om een geweldig goed nieuw medicijn te ontwikkelen?

Een antwoord dat heb ik niet, dat zal niemand hebben. Het belangrijkste is denk ik dat je met je hart geeft en met de middelen die je hebt. Voor de een zal dat tijd zijn, voor de ander geld. Het mag best een beetje kosten, je mag het best een beetje voelen, want stiekem hebben we met z’n allen vaak best een overvloed, al kost het soms wat moeite die overvloed te zien. En soms..soms hoort daar ook ‘nee’ zeggen bij, omdat je nou eenmaal niet anders kan. Nee zeggen, om te zorgen dat je ook ja kan blijven zeggen.

Advertenties

Een gedachte over “Help, ik moet mijn naaste helpen

Voeg uw reactie toe

  1. Inderdaad, Ingrid, dit is iets waar velen denk ik mee worstelen. Ik moet dan vaak denken aan een interview dat Ivo Niehe ooit had met moeder Teresa. Hij vroeg haar hoeveel wij moeten geven aan de minderbedeelden in de wereld. Haar antwoord was “you must give until it hurts”…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: