Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘actualiteit’ Category

    1. Voor het eerst hebben we Oud en Nieuw gevierd als gezin. Of nou ja, de meisjes sliepen heerlijk de hele avond en door het al geknal en geflits heen, dus werd het meer een Oud en Nieuw met z’n tweetjes en meisjes op de andere verdieping. Heel erg wennen, want vooral manlief heeft toch graag wel wat mensen om zich heen. Ik zag het alleen niet zo zitten om met de twee meisjes en mijn eigen vermoeidheid ergens heen te gaan. Uiteindelijk hadden we een tafel vol met lekkers en hebben we het spel Andor gespeeld. Niet helemaal mijn spel, maar tegen het einde van het spel leek ik het toch nog wat leuk te gaan vinden. Lijkt echt zo’n spel dat ik vaker moet spelen om écht leuk te gaan vinden. De jaarwisseling zelf verliep een beetje chaotisch, om het zo te zeggen. Maar uiteindelijk was het dan 2018. Dus ook voor iedereen op het web nog een zeer gezegend 2018 gewenst.
    2. De grote kleine meid sliep dan weliswaar door al het vuurwerk heen, aan het einde van de middag en begin van de avond was er her en der al wat te zien in de wijk. Grote kleine meid mega-enthousiast en telkens springend “suuwek, suuwek” roepend. Totaal geen angst ofzo, puur enthousiasme.
    3. Datzelfde stuiterige zette ze trouwens door tijdens de Nieuwjaarsmis. Vrijwel geen moment stilzittend, alle kanten op rennend, niet luisterend, soms iets te hard pratend. Blij dat de Mis vaste rubrieken heeft, want daardoor kon ik het in ieder geval nog volgen. Maar wat was ik moe, gefrustreerd en verdrietig na afloop. Echt, het is een lieve schat, en dat stuiterige is op de meeste momenten prachtig. Maar niet in de Mis. Zucht.
    4. Er waren hier in de parochie trouwens veel missen op de ochtend van het Nieuwe jaar. Gewoon drie om 9.30 en twee om 11u. Met zowaar een koor (terwijl dat de dag ervoor niet was) en een mooie missetting. En ook nog een koffie en thee na afloop, dat we deze keer maar wel even overgeslagen hebben, zie emoties genoemd in punt 3. We waren gewend dat er op nieuwjaarsdag nog wel een Mis gedaan werd, maar dat dat lang niet gevuld was. Terwijl het toch wel een verplichte feestdag is.
    5. De kleine kleine meid slaapt gelukkig beter dan haar zus op deze leeftijd deed, maar doorslapen is nog een woord dat ze niet kent. Sterker nog, na de redelijk goede nacht met Oud en Nieuw waarin ze maar 1 keer kwam voor drinken, is het gemiddelde toch wel 2 keer per nacht. Deze mama is dus soms meer een zombie die blij is als de dag voorbij is en ze haar hoofd op het kussen kan leggen.
    6. Bij alle vermoeidheid en de borstvoeding heb ik, zeker sinds start van het werk, honger als een paard. Gisteren maar weer eens na gaan denken of het niet anders kan, en per vandaag begonnen met wat voedingsaanpassingen zodat ik net de hele dag door suikertops en –dips heb. Dat was dus vanochtend ontbijten met een kom havermout met besjes er in. Er zat ook Kiwi door, maar dat was niet zo’n succes. De rest was best prima, en heb het best goed gered tot de lunch hierdoor. Nu eens zien of ik het vol kan houden.
    7. Sinds mijn herstart op het werk twee maanden geleden was het enorm druk. Inmiddels, sinds twee dagen ofzo, begint er weer een beetje ruimte te komen voor taken naast de directe patiëntenzorg en de administratie die daarbij hoort die ook gedaan moeten worden. Dit is toch wel een fijn gevoel om de werkweek mee af te sluiten.

Sorry, een beetje saai overzicht zo zonder foto’s. En na het typen zag ik de uitdaging vanaf de host. Allen dus daarheen om nog wat leukere dingen te lezen: This Ain’t The Lyceum – year in review

 

Advertenties

Read Full Post »

1. Afgelopen zondag begon de Adventstijd. De tijd dat we uitzien naar de komst van Christus en ons voorbereiden op het Kerstfeest. De liturgische kleur is, als het in de kerken goed gedaan wordt, paars. Een kleur van boete en inkeer. Nu draag ik normaal gesproken een zwarte mantilla of blauwe hoofddoek in de kerk (of heel soms een witte als dat beter matcht), maar nu had ik eens mijn donkerpaarse mantilla weer tevoorschijn gehaald. Mijn eerste mantilla overigens. Wat kleiner dan ik gewend was, maar hij zit nog steeds fijn. En verheugt u, want over een week gaat waarschijnlijk de roze mantilla om.

DSCF6755

2. Met het begin van de Advent komt ook de adventskrans weer op tafel. Ik heb al jaren een klein mega-kitcherig ding. Een leuk kransje vind ik zelf. Krijgen we na de Mis nog een kleintje aangeboden die over was na de kinderwoorddienst. Zegt manlief doodleuk: “en hij is ook leuker dan die van jou.” Ja, en bedankt he.

DSCF6753

3. De afgelopen jaren zorgde ik op de avond voor de 1e zondag van de Advent voor oliebollen. Een soort van oud-en-nieuw, maar dan anders. Dit jaar door alle drukte en vermoeidheid helemaal vergeten. Oeps.

4. Uitgebreid was het niet, maar ons kleine Sinterklaasvierig met het gezin was best leuk. We hadden de cadeautjes op zolder gezet, en voor elkaar en onze grote kleine meid een gedichtje geschreven. Voor ons in klassieke dichtvorm, voor haar in de vorm van een klein boekje. Er was weinig geduld vanuit de grote kleine meid voor de gedichtjes van papa en mama. Nee, haar eigen cadeautjes uitpakken, en die de rest, was toch echt het leukste. En toen ze haar Nijntje-servies had uitgepakt waren we haar geloof ik kwijt. En mama? Die voelde zich enorm geliefd door het prachtige gedicht dat Sinterklaas voor haar gemaakt had.

5. De kleine kleine meid bakeren we vanaf enkele weken na haar geboorte in bij het slapen. Toen ze een paar weken geleden koorts had en nogal hoestte hebben we dat niet kunnen doen en kreeg ze gewoon een slaapzakje aan. Dat leek goed te gaan. Tot twee weken terug. Toen was het de hele tijd bij mama willen liggen en vaak en de borst willen. Dat was even wat te pittig voor deze mama. En dus zijn we sinds begin deze week haar toch weer gaan inbakeren. Het voelt als een stap terug, maar er is nu in de nachten weer een stuk meer rust gekomen en ik kan tussen de voedingen door in ieder geval zo’n drie uurtjes slapen.

6. Kerstliedjes, ik hou er van. Echt. Alleen niet een hele maand vóór Kerstmis (nog voor het begin van de Advent), en dat het dan vervolgens op 27 december ook abrupt weer stopt. Terwijl de kersttijd dan nota bene net begonnen is.

7. Nu het in de avond weer vroeger donker is en de kersttijd nadert, komen er weer vele lichtjes vanuit de huizen. Ik word er altijd zo vrolijk van om op mijn weg heen maar vooral ook terug van het werk (ik ga op de fiets) langs al deze huizen te fietsen en naar binnen te kijken. Nu onze eigen boom nog.

Read Full Post »

1. Afgelopen zaterdag was het jaarlijkse avondje met een goede vriendin naar Night of the Proms in Rotterdam. Erg spannend, wat manlief zat die avond dus voor het eerst een hele avond alleen thuis met de twee meisjes, en moest ook de jongste op bed zien te krijgen. Met flesje. Het is aan alle kanten goed gegaan: de meisjes zijn lief gaan slapen en ik heb een fijne avond weg gehad. Ik was alleen wel erg blij toen ik weer thuis was en mijn meisjes weer kon zien.

2. Een van de artiesten was Mel C. De dag erna gingen manlief en ik nog even door met het teruggaan in de tijd met onder andere dit lied:


3. In plaats van in onze eigen parochie kerken, waar op die betreffende zondag een gezinsmis zou zijn, zijn we afgelopen zondag een kwartiertje verder gereden dan gebruikelijk. Zo kwamen we uit bij de oude St. Clemenskerk in Gerwen, een van de kerken van de Pius X. Een klein, maar mooi kerkje. De oudste dochter heeft het voor haar doen goed gedaan, maar was toch wel een afleiding. Maar hoe fijn om met deze liturgie op te gaan naar God, een stukje aanraking van Hemel en aarde. Zoals het zou moeten zijn.

4. Over die kerk gesproken. Dat was dus de oude St. Clemenskerk. Ik snapte niet precies waarom dat oude er bij moest. Tot we er aankwamen en ik heel toevallig op het gebouw er tegenover R.K. Parochie St. Clemens zag staan. Het is dat het er op stond, maar ik had nooit gedacht dat dat gebouw een katholieke kerk zou staan. Beter nog, ik had het niet eens als kerk herkend. Zo een enorm contrast, ik zou bijna willen zeggen tekenend voor die tijd en verdeeldheid in de Katholieke Kerk.

Oude St. Clemenskerk

Nieuwe St. Clemenskerk

5. Onze grote kleine meid is inmiddels bijna 2,5 en heeft voor het eerst haar schoen mogen zetten. Eerst met mama een tekening gemaakt, en daarna mochten papa en mama uiteraard het zangwerk doen. De volgende ogend was ons normaal gesproken erg energieke dame stil, bedachtzaam. Samen met papa werd het cadeautje uitgepakt. Een chocoladeletter, helemaal voor haar alleen. Niet lang erna was het bedachtzame er af en wat het Sinteplaas voor en Sinteplaas na. Mooi om te zien hoe ze er in op gaat. Moeilijk voor ons omdat we eigenlijk keihard aan het liegen zijn, wat enorm tegen ons gevoel in gaat.

6. Als voormalig noorderlingen zeggen we ‘patat’. Gewoon zoals het hoort. Hier in zuid-Nederland zeggen ze friet. Rare mensen. Dit resulteerde gisteren in de volgende conversatie:
Brabantse vriendin tegen grote kleine meid: ‘heb jij een frietje?’
Dochterlief: …
Brabantse vriendin: ‘zeg maar, frietje.’
Dochterlief; *hoofdschuddend* nee, patat!

7. Ik ben nog steeds van het proberen spullen in de winkel te kopen. In een winkel van steen bedoel ik. Waar je spullen uit de schappen pakt en afrekent bij een kassa. Helaas blijken steeds meer winkels een zeer beperkte voorraad te hebben, en ga ik niet drie keer naar een winkel voor een product wat er steeds niet is of waar te weinig van is zodat ik alsnog niet alles heb. En dus zat er deze week niks anders op dan zaken als luiers online bestellen. Ik ga mezelf maar niet schuldig voelen en zometeen nog maar wat dingen bestellen. Maar dan omdat ik gewoon echt niet weet wanneer ik deze dagen cadeautjes moet gaan shoppen.

http://thisaintthelyceum.org/we-dont-celebrate-advent/

 

Read Full Post »

“In Nederland doodt de dokter je”. Dat is de kop waar ik het níet over wil hebben, omdat deze geen recht doet aan de inhoud van het betreffende artikel. Over het betreffende artikel zelf en de commotie daaromheen wél. Ook mis ik een heel stuk achtergrondduiding en reflectie op de in mijn ogen eigenlijke problematiek, namelijk de maakbaarheid van het leven en de veronderstelde autonomie van de mens.

Hoewel de bewering dat in Nederlands dokters doden wel degelijk waar is (al schijnen er collegae te zijn die vinden dat wanneer ze iemand euthanaseren ze niet doden, wat me toch een beetje tegenstrijdig lijkt), is de inhoud van het artikel aanzienlijk genuanceerder en spreekt het van de actuele situatie in ons land en zorgen daaromtrent. En dus ook van het hellende vlak waar we op zitten.

Dit hellende vlak is er namelijk wel degelijk. Waar euthanasie eerst ging om hulp bij het einde maken aan iemands leven in uitzonderlijke medische situaties, is de indicatiestelling in de loop van de jaren steeds verder uitgebreid. Inmiddels wil men (vooral vanuit de politiek) zelfs mogelijkheden scheppen voor mensen die niet zozeer uitzichtloos medisch ondraaglijke lijden, maar voor eenieder die levensmoe is. In zoverre staat er in het artikel niks nieuws of onwaars.

De lading verontwaardigde reacties zijn echter niet mis. Samenvattend komt het ongeveer neer op: “hoe haalt deze bekrompen, religieuze politicus het in zijn hoofd om deze zo vooruitstrevende praktijken te bekritiseren en zelfs nog wel in het buitenland.” Aan het Nederlandse heilige huisje van het doden van mensen als ze ziek, moe of simpelweg ongewenst zijn, mag niet aangekomen worden, nee, het mag zelfs niet ter discussie gesteld worden.

Ik mis hierin veel échte reflectie op de situatie en op de uiting van de bezorgdheid van deze in mijn ogen zeer respectabele politicus. Ook van veel mijn collegae in de medische wereld, die zich thans in de discussie/verontwaardiging niet van hun mooiste en professioneelste kant laten zien (dit sluit dan helaas weer aan bij mijn ervaring tijdens mijn geneeskundestudie. Bij de niet-verplichte colleges ethiek was slechts een handvol van de 400 studenten uit het jaar aanwezig. Bij de ethiekcolleges die wel verplicht waren zou 99% zonder ook maar één kritische vraag direct een euthanasieverzoek inwilligen).

Laat ik vooropstellen dat niemand, wat je standpunt ook is, andere mensen lijden toewenst en dat eenieder vóór het helpen van onze lijdende medemens is. Op welke wijze dat mag (toelaatbaar is) en wat daarbij de overwegingen zijn, dat is wél een punt van discussie.

Een heel groot probleem waar ik hierin nog weinig over gelezen heb, is de maakbaarheid van de mens, van het leven. De keuze om je leven te laten beëindigen is namelijk ten zeerste hiermee verbonden. Net als met het begrip autonomie. Autonomie zowel in de zin van eigen keuzes maken als in de zin van zelfstandig zijn, los van anderen functioneren.

Het eerste aspect, de maakbaarheid van het leven, is inmiddels in meer of mindere mate een standaard onderdeel van ons denken. We willen van het begin tot het einde van het leven de regie hebben en het sturen zoals wij willen. Vanaf conceptie, tot opsporing en behandeling van (ook nog niet-zichtbare) aandoeningen en tot het uitblazen van de laatste adem toe. Het moet allemaal kunnen, en het liefste allemaal perfect, makkelijk, snel en zonder moeilijke aspecten. Soms lijkt het alsof we daar ook in geslaagd zijn. Niets is echter minder waar. Onzekerheden, ongeneeslijke aandoeningen, bijwerkingen van behandelingen maar ook aardbevingen en auto-ongelukken zijn slechts enkele voorbeelden van hoe het leven er toch steeds weer doorheen komt. Telkens blijkt ondanks onze beste intenties en inspanningen, de natuur zijn eigen gang te gaan. Het menselijk leven is niet volledig voorspelbaar, is niet helemaal te controleren. En ik denk dat we dat ook niet moeten willen.

In plaats van de natuur alsmaar krachtiger te onderdrukken, zouden we juist ook wat vaker ruimte moeten maken voor dit leven en accepteren dat sommige dingen zijn zoals ze zijn. Ook het sterven is zoiets. We kunnen het lijden hieromtrent verlichten, we kunnen mensen nabij zijn, maar ook dit proces lijkt soms (vaak) zijn eigen leven te leiden. Dit blijkt bijvoorbeeld uit een ingezonden brief van Piet Hein Eek in het NRC, over de situatie bij de dood van zijn moeder. Als we deze natuurlijke gang van zaken uit het oog verliezen, lijdt dat tot veel pijn, verdriet en onbegrip. In plaats van maar gewoon (zonder reflectie) doorgaan met ontwikkeling van de geneeskunde en wetgeving, zou het goed zijn eens wat meer stil te staan bij wáárom we dit eigenlijk doen, wat de gevolgen zijn voor zowel de samenleving als voor het individu en wat we hiermee voor signaal en mogelijk (valse) hoop aan mensen geven. Niet alles wat kan, moet ook.

Ook over het andere aspect, de autonomie, valt veel te zeggen. Het belangrijkste is om te beseffen dat we, ondanks dat we dat wel denken, we helemaal niet zo autonoom zijn in onze keuzes en in ons leven. Ik hoef maar even de wekelijkse uitgaven van het Medisch Contact te bekijken, een willekeurig dagblad open te slaan of in mijn eigen praktijk te kijken en het ene na het andere voorbeeld hiervan komt me tegemoet. Een mens is een wezen dat leeft in relatie tot anderen en met anderen. Er is altijd een wederzijdse beïnvloeding. Nooit zijn we volledig los in onze gedachten, keuzes én handelen. Denk hierbij zowel aan de bagage van het tot nu toe doorlopen leven, als aan bijvoorbeeld de familieomstandigheden, de financiële situatie of zelfs groepsdruk. Altijd zijn we in meer of mindere mate afhankelijk van en beïnvloed door anderen. Het is daarom maar de vraag of veel van de wensen rondom het levenseinde wel zo autonoom gedaan zijn als men wil doen lijken.

Als laatste punt wil ik nog opmerken dat ook in de medische wereld, anders dan het beeld dat nu geschetst wordt, er lang geen consensus bestaat over dit onderwerp. Er zijn veel artsen die geen euthanasie uit willen voeren, vaak vanuit hun levensovertuiging, maar niet altijd. Veel van degenen die het wel uitvoeren, lijken het toch geenszins makkelijk en vaak zelfs erg moeilijk te vinden. Over voltooid leven heeft de commissie-Schnabel zelfs een advies uitgebracht dat het niet wenselijk is hier een nieuwe wet voor in het leven te roepen en velen vinden het zelfs geen medische vraag. Dit is ook in lijn met het standpunt van het KNMG, dat op zich positief staat tegenover euthanasie.

In plaats van moord en brand te schreeuwen over een artikel dat de Nederlandse situatie beschrijft, kunnen we ons beter afvragen wat ons handelen beweegt, of we wel écht goed doen met alles wat we doen, en met name of we de autonomie en maakbaarheid van de mensen niet op het voetstuk zetten waar het eigenlijk niet hoort.

Read Full Post »

1. Nope, het is nog steeds niet over. Het ziek-zijn bedoel ik. Onze kleine meid is grotendeels hersteld (maar lijkt nu last te hebben van doorkomende boventandjes), mama helaas nog niet. Wel weer naar het werk gegaan, en daarbij heel veel zakdoekjes gebruikt en liters sterilium op m’n handen gesmeerd geloof ik. Ik ben er inmiddels wel zat van. Maar het virus vond het nog niet genoeg: ook mijn man moet er aan geloven. Maar bij hem lijkt het slechts een verkoudheid te blijven. Maar aangezien ziek-zijn bij mannen erger is dan bij vrouwen, zal het vast uiteindelijk qua effect op hetzelfde neer komen.

2. De accu van mijn telefoon is dood. Of op sterven na dood, met van die Cheyne-Stokes-ademhalingsaanvallen. Soms blijft de telefoon lang rustig, het andere moment valt hij vijf minuten na van de lader gegaan te zijn zonder waarschuwing uit. Om bij het opladen vervolgens direct aan te geven dat hij nog 80 procent vol zit. En na het opladen na tien minuten ineens op 1% zit. Een van mijn lieve broers had dezelfde telefoon (niet sec dezelfde, je snapt het wel), en nu mag ik die hebben. Eerst maar even de accu geruild, de rest van de ingebruikname komt later. Lieve broer heb ik.

3. Afgelopen zondag bij de Mis hebben we de kleine meid maar even niet naar de crèche gedaan. Niet alleen zodat de andere kinderen niet aan zou steken, maar ook omdat haar los laten spelen in de drukte bij net wat herstel van ziekte waarschijnlijk niet ging lukken. De kleine mevrouw heeft de gehele Mis bij papa in de draagdoek gezeten en heeft heerlijk om zich heen gekeken. Papa heeft de Mis ineens heel anders beleefd. En mama, die mocht weer eens gewoon in de kerkbanken zitten en zich focussen op de Mis (voor zover dat ging met snotneus en kriebelhoest).

4. In het kader van het Jaar van Barmhartigheid is onderstaande hymne gecomponeerd. Ons koor zingt het regelmatig. Een mooie melodie en meezingtekst:

5. Sinds de komst van de kleine meid, vind ik het erg lastig om eventjes weg te gaan. Niet alleen omdat ze nog steeds deels afhankelijk is van de borstvoeding, maar ook omdat ik niet elke keer oppas wil vragen. Haar opa en oma (mijn ouders) willen met liefde op haar passen (waarbij ze dan gruwelijk verwend wordt, net als afgelopen woensdag, met oa croissantjes), maar ik wil ook gewoon weer eens dingen doen en dan gewoon haar mee kunnen nemen. Dat haar aanwezigheid normaal is, ze erbij hoort, welkom is. Ik had al vaker gehoord van de katholieke gezinsdagen in Helvoirt, en manlief en ik zijn ons nu aan het bezinnen of we er dit jaar gewoon al naar toe zullen gaan.

6. De afgelopen maanden hebben we ineens veel nieuwe lectoren bij ons in de kerk. Ik ben nog niet onverdeeld positief: er zitten goeden bij, maar ook mensen die echt nog wat oefening en instructie nodig hebben om ook in een kerk te kunnen voorlezen. Dit is namelijk best nog wel een kunst op zich weet ik uit mijn eigen ervaring als lectrice (ja, ik weet dus waar ik over spreek, en nee, ik word niet weer lectrice: ik vind het niet te combineren met het feit dat ik in de kerk ofwel een mantilla draag ofwel een hoofddoekje, en ik weiger om zelf de H. Communie uit te reiken). Niet dat ik het niet mooi vind dat mensen zich zo voor de kerk in willen zetten, maar goede instructie, oefening en misschien selectie zou nog niet zo’n verkeerd idee zijn.

7. En terwijl ik nadenk over wat ik bij dit afsluitende puntje neerzet, zie ik een bericht voorbij komen dat het bisdom ‘s-Hertogenbosch blijkbaar per ongeluk de bekendmaking van de nieuwe bisschop te vroeg op de site gezet heeft. Of het waar is dat Mgr. De Korte de nieuwe bisschop van het erg roomse bisdom wordt horen we morgen bij de persconferentie, maar het is nu toch wel even wat spannender, aangezien dat betekent dat wij ook weer een nieuwe bisschop krijgen. We wachten geduldig af.

Read Full Post »

Lege kerkbanken, krimpende inkomsten, parochiefusies en sluitende kerken. In de meeste bisdommen behoort dit tot de orde van de dag. Een proces dat al jaren en jaren gaande is, en wat voorlopig nog niet lijkt te stoppen. In verhouding met tientallen jaren geleden komen er steeds minder mensen naar de kerk. Niet alleen betekent dit minder opbrengsten, ook al het werk dat bij het reilen en zeilen van een parochie komt kijken moet door steeds minder mensen gedaan worden.

Parochie- en bisdombesturen hebben in deze situatie tot ondankbare taak te zorgen dat de kerk levend en toekomstbestendig blijft danwel weer wordt. Met vele parochies die er financieel zeer slecht voor staan en de voorspelde verdere afname van kerkbezoek bij nu veelal grijze hoofden in de kerk, is het niet verwonderlijk dat er pijnlijke, maar noodzakelijke, keuzes gemaakt moeten worden. Bij veel gelovigen roept dit weerstand op: “hun” kerken worden met sluiting bedreigd, of blijven nog wel open, maar de mensen moeten verder reizen om naar de Mis te gaan zodat er nog sprake kan zijn van een parochiegemeenschap (met vijf mensen in de kerk zitten op zondags is wellicht heel devoot, maar mist toch ook het gemeenschapsaspect). Regelmatig hoor je dan ook geklaag op de besturen: die zouden maar beslissen over de hoofden van de mensen, geen gevoel hebben, sektarisch zijn, en zo kunnen er nog wel meer voorbeelden gevonden worden van wat men er zoal van vindt. In plaats van te klagen, kunnen we echter ook stil gaan staan bij onze “schuld” in deze en wat wij, als gewone gelovigen, wél kunnen doen voor de kerk, hoe we positief bij kunnen dragen.

Financiële bijdrage
Net als bij veel dingen buiten de kerk om, kost de kerk ook geld. Geld voor het onderhoud van de kerkgebouwen, geld voor benodigdheden tijdens de Mis, geld voor bloemstukken, geld voor de koffie en thee na afloop van de Mis, maar ook geld om de energierekening van te betalen, een kostenpost die nogal eens over het hoofd wordt gezien maar die aanzienlijk is. Een parochie zelf heeft vaak maar een beperkt eigen vermogen, en is elk jaar weer afhankelijk van de giften van de gelovigen. Als die geen geld geven, komt er ook niks binnen, en zal een parochie binnen afzienbare tijd een faillissement tegemoet zien.

Als wij de kerk ook maar enigszins belangrijk vinden, dan zorgen we ervoor dat we haar ook financieel ondersteunen, ieder naar eigen kunnen. En dat mag best wat zijn. Een euro per week zal voor de meeste mensen niet bepaald een grote bijdrage zijn, het mag dus best wat meer, je mag het best voelen in je portemonnee. Aan eten, kleren en cadeautjes worden jaarlijkse honderden, zo niet duizenden euro’s uitgegeven, en voor de kerk kan er vervolgens slechts wat kleingeld af. Als je de kerk weinig waard vindt, sure, maar ga dan ook niet klagen wanneer de parochie niet kan voortbestaan.
De jaarlijkse actie Kerkbalans is inmiddels ook weer van start gegaan. Een goed moment om weer eens stil te staan bij hoe belangrijk de kerk eigenlijk voor ons is, wat de kerk ons waard is. En bedenk goed: misschien dat je het niet eens bent met alles wat er in de parochie gebeurt, misschien mag je de priester persoonlijk wat minder, of vind je zijn preken wat te hard of juist te soft..priesters en vrijwilligers zijn er altijd voor beperkte tijd. Een parochie moet generaties op generaties door blijven gaan.

Doorgeven van geloof
Een ander aspect is er eentje die in dit kader regelmatig vergeten wordt. Hoe vaak hoor je wel niet: er zitten zo weinig jongeren in de kerk, zo weinig gezinnen, hoe krijgen we dat toch weer goed. Een hele simpele eerste stap hierin, is het doorgeven van het geloof. Tientallen jaren geleden hebben generaties voor de mijne, waarschijnlijk vanuit oprecht goede bedoelingen, veel geloofszaken overboord gegooid, en hun kinderen weinig tot niets meegegeven over het geloof. En hetgeen dan vaak meegegeven werd, was slechts een slap aftreksel van wat het Katholieke geloof werkelijk is. Is het dan verwonderlijk dat de huidige generatie 20-30-40-ers zo weinig nog naar de kerk komt? Waarom zouden ze, ze weten immers niet wat het geloof uberhaupt inhoudt, laat staan dat het een rol speelt in hun leven. Onbekend maakt onbemind.

Aan de huidige gelovigen dus oh zo belangrijke taak om zich te verdiepen in wat hun geloof daadwerkelijk inhoudt, om het weer de belangrijke plaats in het leven te geven die dit levensbelangrijke aspect toebehoort. Om het vervolgens door te geven aan hun omgeving, met name aan de generaties na hun. Hoewel Onze Lieve Heer wel zo Zijn manieren heeft om mensen een duwtje in de goede richting te geven, is dit een wezenlijk onderdeel van het vitaal en toekomstbestendig houden van het katholieke geloof in ons land.

En nu…actie!
In reactie op alle uitdagingen en moeilijke beslissingen kunnen we dus twee sporen bewandelen: enerzijds klagen over alles en de kerk verder proberen zogenaamd “bij de tijd” te brengen, of we kunnen onze schouders er onder zetten: met de financiële middelen die we hebben naar draaglast bijdragen aan de huidige en toekomstige kerk en met tijd, energie, vertrouwen en hoop het geloof weer nieuw leven inblazen, door de schoonheid van de Kerk te ontdekken en door te geven. Het lijkt me duidelijk welke optie de toekomst heeft.

Read Full Post »

Reeds enkele weken wordt er wereldwijd bericht over gruwelijkheden in Irak die begaan worden door ISIS. Christenen, maar ook alle andersgelovigen, worden voor de keus gezet zich tot de islam te bekeren of te sterven. Ze vluchtten massaal, hun geloof verzaken ze niet. Huizen van christenen worden door leden van de ISIS gemarkeerd met de Arabische letter N, Nazarener. Wie niet vlucht en zich niet bekeerd wordt onthoofd, verkracht, opgehangen en wat er verder nog maar in de duistere hoeken van het menselijk brein zit. Inmiddels lijken ook de Nederlandse media uit hun zomerslaap te ontwaken en beginnen deze berichten zich ook hier te verspreiden. Weliswaar ligt de nadruk met name op de andere minderheidsgroeperingen, over de massale vervolging van de christenen wordt veelal nog gezwegen. Maar in ieder geval lijkt er inmiddels aandacht voor. De meeste politieke partijen in ons land blijven helaas nog graag ontkennen dat er sprake is van systematische vervolging.

Vele christenen over de gehele wereld verenigen zich in gebed. In Enschede vond recent een stille toch plaats om aandacht te vragen voor het lot van de vervolgde christenen. Op Twitter en Facebook hebben velen hun profielfoto vervangen door een afbeelding van de Arabische letter N, in solidariteit met onze medebroeders- en zusters in Christus. Ook de Kluiskerk van Onze Lieve van de Besloten Tuin in Warfhuizen had vanmiddag een moment van gebed hiervoor. Tijdens het Sacramentslof werd, op speciale voorspraak van de Heilige Philomena – martelares uit de Romeinse tijd -, gebeden voor de vervolgde christenen, en andere minderheden, in Syrië en Irak. Een kleine groep mensen, het was een vrij last-minute idee om dit te doen, maar een intiem, goed en mooi moment, zoals eigenlijk altijd het geval is bij dergelijke gebedsmomenten in de Kluis. Er werd gezongen (of althans, mijn man en ik probeerden mee te zingen met de kluisbroeder, maar aan diens niveau is moeilijk te tippen) en gebeden, en in een overweging bracht de Broeder het leed dichter naar ons hart toe, spoorde hij ons aan om te blijven bidden, ook aandacht te blijven vragen voor deze vervolging. Het zijn onze medebroeders- en zusters, nota bene in de regio waar het christendom ontstaan is.

Nun - de arabische letter N. Inmiddels internationaal teken van verbondenheid als  christenen.

Nun – de arabische letter N. Inmiddels internationaal teken van verbondenheid als christenen.

 

Aan het einde van het Lof was er nog gelegenheid om de reliek van de Heilige Philomena te vereren. Een heilige die zich na een eerste suggestie om tot haar te bidden (suggestie van dezelfde kluisbroeder overigens), een plekje in mijn hart heeft weten te veroveren, en me nu stiekem erg dierbaar is. Haar reliek te mogen kussen was dan ook een prachtig geschenk.

Thuisgekomen bereikt mij via Twitter het bericht dat een priesterstudent in Utrecht die een T-shirt droeg met daarop de arabische letter N bespuugd is met de bedreiging: we gaan jullie allemaal vermoorden, jullie zullen van de aarde verdwijnen. Ineens was het niet meer een ver-van-mijn-bed-show, maar iets wat in onze eigen steden gebeurt. Gebed en uitkomen voor het geloof en voor onze vervolgde broeders en zusters is hard nodig. Hier in dit huis werd al gebeden, maar zal vanaf nu (hopelijk) met meer aandacht en hart gedaan worden.

Onze Lieve Vrouwe van de Besloten Tuin - een Moeder van Smarten - stond er weer prachtig bij, helemaal nu met haar nieuwe hart (hart doorboord met 7 zwaarden, passen bij een Moeder van Smarten).

Onze Lieve Vrouwe van de Besloten Tuin – een Moeder van Smarten – stond er weer prachtig bij, helemaal nu met haar nieuwe hart (hart doorboord met 7 zwaarden, passen bij een Moeder van Smarten).

Read Full Post »

Older Posts »